Kampverhaal 2017

Sjakie Stevens is een heel arm jongetje. Samen met zijn ouders en vier grootouders woont hij in een piepklein, vervallen huisje op een boogscheut van Willy Wonka’s wereldberoemde chocoladefabriek. De eigenaardige fabrieksdirecteur staat bekend als de beste chocolade- en snoepproducent ter wereld. Meneer Wonka is de uitvinder van het meest bijzondere en originele snoepgoed ooit gekend, zoals ijs dat nooit smelt of kauwgom met een volledig viergangenmenu. Wonka’s beruchte chocoladefabriek is echter gehuld in mysteries
Jarenlang vertoonde meneer Wonka zich niet in het openbaar en in zijn fabriek lijken geen mensen meer te werken. De enorme poort bleef al die tijd gesloten. Vele jaren terug kreeg Willy Wonka namelijk te maken met spionnen die zijn geheime recepten wouden stelen. Noodgedwongen ontsloeg meneer Wonka alle arbeiders. De fabrieksdirecteur zelf verdween spoorloos. Merkwaardig genoeg bleef de chocoladefabriek al die tijd het heerlijkste snoepgoed leveren...
Op een dag wordt een wedstrijd uitgeschreven. In vijf willekeurige Wonka chocoladerepen bevindt zich een Gouden Toegangskaart. De vinders van zo’n Gouden Ticket winnen een bezoek aan de ‘s werelds meest legendarische fabriek aller tijden. Bovendien krijgen de gelukkige vinders een leven lang gratis overheerlijk snoepgoed uit Wonka’s chocoladefabriek. Ook al weet onze arme Sjakie weinig kans te maken op zo’n Gouden Ticket, net zoals alle andere kinderen hoopt hij stiekem toch dat hij een van de vijf gelukkigen zal zijn. Het is tenslotte bijna zijn verjaardag en dan krijgt hij zijn jaarlijkse Wonka-reep. Zou deze ene Wonka-reep de toegang tot Wonka’s snoepparadijs bevatten?